magazines Eindredactie BN/deStem C'est Renault City Sounds Magazine Auto in Bedrijf Chevrolet My Way KvK Startersmagazine Citroën Icône Fiat Magazine CARROS Ski Magazine Our House Magazine BURO BOOT Magazine AutoWeek Golf Estate The Big Black Book En France
Sluiten
Eindredactie

Naast het schrijven voor diverse magazines stoeit BURO BOOT met punten, komma's en d's en t's voor tijdschriften als Exclusief in Brabant, Zuid-Holland, Noord-Holland en Tillywood. U bent bij ons ook aan het juiste adres voor het laten (her)schrijven van uitnodigingen, begeleidende brieven, brochures, folders en websiteteksten.
Sluiten
BN/DeStem

Autokrant BN/DeStem, rubriek Klassieker

‘Motorfiets op vier wielen’

Denk aan de stem van Paul Jambers en lees dan de volgende zin. Overdag rijdt Peter de Wolf uit Halsteren in een Kia Picanto, maar in z’n vrije uurtjes dendert hij over vaderlands wegen in z’n helblauwe bliksemschicht, de wereld van alledag met hoge snelheid achterlatend. Die bliksemschicht is een zogeheten Westfield Megabusa. “Je ziet ze in Nederland niet vaak. In Engeland zijn ze wel populair”, weet De Wolf. Geestelijk vader van Westfield is de Engelse oud-coureur Chris Smith, die begin jaren tachtig voor zichzelf een replica bouwde van de Lotus XI Le Mans-auto uit 1956. Deze replica was bij liefhebbers erg in trek en Smith besloot er meer van te maken. Westfield was geboren.

Kenmerkend voor het merk is de combinatie van laag gewicht met kleine maar krachtige motoren, wat zorgt voor extreme prestaties. “Mijn Westfield weegt 475 kilogram en onder de kap ligt een 180 pk sterk blok van een Suzuki Hayabusha. Het is een motorfiets op vier wielen. Nul naar honderd doet-ie in 3,4 seconden.” Deze waarde waarmee het vedergewicht menig supersportwagen verpulvert, demonstreert De Wolf maar al te graag in de praktijk. Omdat je zo laag zit en door het ontbreken van een vooruit de wind met hoge snelheid tegen je gelaat giert, is de snelheidsbeleving extra intens. “Ik voel bovendien exact wat de auto gaat doen”, schreeuwt De Wolf onder het rijden. En dat is maar goed ook, want het Spartaanse snelheidsmonster beschikt over nul hulpdiensten zoals ESP en ABS. Je moet het vermogen dus allemaal zelf in goede banen leiden. Ben je te overmoedig, dan word je meteen afgestraft. Dat pure, daar moet je van houden. De Wolf: “Ik vind het prachtig.”

Meer artikelen lezen voor BN/DeStem?
Mail naar contact[at]buroboot.com

Sluiten
C'est Renault

Reisverhaal Renault Grand Scénic

En vacances met de Grand Scénic 
C’est Renault viert de zomer in het Franse La Rochelle. In deze romantische havenstad aan de Atlantische kust maken we kennis met de fonkelnieuwe Renault Grand Scénic. Stap in en rijd met ons mee.

La Rochelle is de hoofdstad van het departement Charente-Maritime en ligt zo’n tweehonderd kilometer ten noorden van Bordeaux. Een flink stuk rijden vanaf ons vertrekpunt Amsterdam, maar in onze stijlvolle Brun Moka reisgezel is het bijzonder goed toeven. We hebben namelijk uitzicht op een fraai dashboard dat is afgewerkt met zachte materialen. Precies in het midden daarvan zit een overzichtelijk TFT-display waarvan je de lay-out en kleurstelling met een druk op de knop naar eigen smaak kunt aanpassen. Een heus computerscherm dus, dat Renault speciaal voor de Scénic ontwikkelde. Ook uniek: het Carminat TomTom-navigatiesysteem (optioneel) dat voor het eerst is geïntegreerd in het dashboard. Alweer een primeur voor Renault’s nieuwste! Onze Grand Scénic is daarnaast uitgerust met een schone en soepele dCi-diesel (standaard met FAP-roetfilter) van 110 pk en 240 Nm koppel, en dat blijkt een ideale krachtbron om huis en haard mee op vakantie te nemen - trekkracht genoeg. En stil dat-ie is. Op de Autoroute zetten we de cruise control op ‘130’ en het motorgeluid dringt nauwelijks door tot in de cockpit. Zo hoort het bij een comfortabele midi-MPV van dit kaliber.
 
Hoewel wij met z’n tweeën in de auto zitten, ligt de kofferruimte (785 liter) vanwege alle benodigde fotoapparatuur vol met bagage. Het lijkt wel alsof we met de complete familie op pad zijn, zo veel spullen hebben we bij ons. En het past allemaal met gemak. Een ideale vakantie/gezinsauto, die Scénic! Zeker ook omdat de voorste twee stoelen beschikken over klaptafeltjes en opbergzakken voor les enfants. Kunnen zij achterin lekker hun gang gaan, terwijl u uw ogen op de weg houdt. Om nog even bij die stoelen te blijven: ze hebben een prettige snit en bieden zeker tijdens lange vakantieritten zoals deze voldoende steun, met als gevolg dat we na een dag cruisen over de péage fris en fruitig uitstappen in La Rochelle.  

Nautisch epicentrum
Deze havenstad aan de Atlantische kust met ongeveer 80.000 inwoners werd in de tiende eeuw gesticht en groeide dankzij de handel in wijn en zout uit tot een van de belangrijkste handelspoorten aan de Franse westkust. Schepen voeren vanuit hier naar Engeland, Vlaanderen en de Baltische staten en vanaf de zeventiende eeuw ook naar Canada en de Caraïben. Anno 2009 geldt La Rochelle nog steeds als (nautisch) epicentrum, getuige de honderden plezierjachten in de havens en de vele toeristen die hier in de zomermaanden te vinden zijn… Rochelle is bovendien echt zo’n stad waar je heerlijk door de straten – en vooral door de steegjes – kunt dwalen, genietend van eeuwenoude bouwwerken en indrukwekkende panden uit de tijd van de renaissance, die verwijzen naar het rijke verleden van de stad. Vergeet tijdens de stadswandeling niet te stoppen bij Café de la Paix aan de Place de Verdun. De la Paix, met z’n donkere houten meubels en weelderig beschilderde plafonds, straalt begin twintigste eeuwse chique uit. Je waant jezelf daardoor even in andere tijden, ergens in Montmartre, Parijs, tussen de filosofen en kunstenaars. Een aanrader! Net als de terrasjes aan de Quai Duperre langs de Vieux Port (Oude Haven), de grote trekpleister van de stad. Hier hangt een gemoedelijke sfeer en je kunt er ’s avonds onder het genot van een glas wijn de zon in het water zien glijden. C’est romantique!

De rest van het artikel lezen?
Mail naar contact[at]buroboot.com

Sluiten
City Sounds Magazine

Rubriek: Seks in Tilburg

Tietenbar de Nacht
Je bent dronken, geil en je wordt even na vier uur het café uitgeveegd. Je eerste gedachte: vlees! Shoarma, döner? Nee, vrouwenvlees. Hop, tietenbar De Nacht in.

Aan de deur betaal je zestien knoepies om zwabberende bouncers en klapperende billen te mogen aanschouwen. Wees gerust, voor dat bedrag krijg je vier glazen booze cadeau. Ik neem plaats aan de lange bar van een meter of vier lang met daartussen een podium en een danspaal en bestel een biertje. Vrolijk dronken bekijk ik de hitsige dames die met hun onnoemelijk knellende broekjes de aanwezige vieze mannen lekkende eikels bezorgen. Naast mij hoor ik iemand enthousiast hijgen. Bertold noem ik hem; een dikke gozer die een handvol tanden mist en thuis misschien eens in de maand de zanddroge poes van zijn vrouw mag bewateren. Hij wappert met een waaiertje vijfjes. Een slanke madame stapt met haar boomlange benen op hem af. Ze pakt een slagroombus van de bar, spuit haar perfect roze tepel vol en ondergaat het gebuffel van mijn buurman. Zijn tong schiet als een tornado over haar tepelhof. Voldaan stopt hij een extra vijfje in haar stringetje en kletst met zijn hand op haar bil. 1-0 voor De Nacht. De stripper geeft Bertold een knipoog, veegt haar borst met een doekje af en gaat op zoek naar andere hongerige geilaards.

Dat slagroomlikken mag iedereen doen voor vijf E. Echte geluksvogels krijgen echter de special treatment: een streep room uit de liesholte. Pas op! Dit nepbeffen veroorzaakt spijkerbroekverscheurende erecties. Ik zie een van de halfnaakte chicks genieten wanneer een manisch opgewonden likkebaard het bijna niet meer houdt. Hij wil meer. Helaas boy, geef op de plee maar een zwengel aan je sliert; in De Nacht wordt niet geneukt! Tegen sluitingstijd (zes uur) zit er nog een groepje studenten aan de bar. Die knakkers zie je in De Nacht volop. Net als vrouwen. Je komt hier van alles tegen, een passende afspiegeling van Tilburg by night.

Meer artikelen uit City Sounds Magazine lezen?
Mail naar contact[at]buroboot.com

Sluiten
Auto in Bedrijf

Rubriek: Aanwinst

Sportieve kilometervreter
In het vorige nummer las u in Eerste Indruk over de Volkswagen Scirocco 1.4 TSI. Nu rijden wij de efficiënte 2.0 TDI mét B-label, de best denkbare combinatie van ratio en rijplezier.

Wie denkt dat een dieselmotor niet thuis hoort in zo’n sportief model als de Scirocco heeft het bij het verkeerde eind. De 2.0 TDI met 140 pk in het vooronder is juist lekker fel, dankzij zijn trekkracht van liefst 320 Newtonmeter. De turbodruk bouwt zich vroeg op waardoor al dat heerlijke vermogen al vanaf 1.750 toeren beschikbaar is. En ja, met een 0-100-tijd van 9,3 seconden schaart de sportcoupé zich onder de vlottere verkeersdeelnemers. De Scirocco heeft nog een B-label ook, plus een bescheiden uitstoot van 145 gram CO2 per kilometer. Geen extra emissietoeslagen dus! Sterker nog: de klant krijgt milieukorting.

Zuinig
Onze test-Scirocco beschikt over een (optionele) zestraps DSG-transmissie. Resultaat: razendsnel overschakelen én een laag verbruik. En inderdaad, zelfs als we om echt sportieve prestaties vragen, voelen we amper dat de DSG doorschakelt. In slechts milliseconden verschieten de verzetten opwaarts. Over dat lage verbruik: wij kwamen niet boven de 5,4 liter per 100 kilometer uit. Omgerekend is dat om en nabij de 1 op 18,5. Indrukwekkende cijfers. Net als de topsnelheid van 205 km/h.
 
‘Genietmomentjes’
Zowel in de stad als op de snelweg toont deze Scirocco zich een voorbeeldig sportcoupé. In stadscentra laat hij zich soepel door het verkeer loodsen, snel opschakelend naar de juiste versnelling om het verbruik en uitstoot laag te houden. Op de rijkswegen komt de andere aard van de Volkswagen naar boven: die van comfortabele kilometervreter. Zeker met het slimme DCC adaptive chassis-control op ‘Comfort’. Hiermee rijden we moeiteloos uren aan een stuk. De scherpe besturing voelt precies goed aan – niet te zwaar, niet te licht – , de stevige stoelen zitten als gegoten en inhaalmanoeuvres zijn werkelijk ‘genietmomentjes’. Alle Newtonmeters en paardenkrachten zorgen voor een verslavende duw in de rug.  
Gaan we even van de snelweg af en duiken we een kronkelig B-weggetje op, dan is de ‘Sport-modus’ van het DCC ideaal. Het onderstel verandert automatisch van een cruiser naar een dynamische sportcoupé. Kortom, de schone en zuinige Scirocco 2.0 TDI biedt comfort, souplesse en behoudt zonder enige twijfel zijn beroemde sportieve inborst. Wat wilt u nog meer? 

Meer lezen uit Auto in Bedrijf?
Mail naar contact[at]buroboot.com

Sluiten
Chevrolet My Way

Rubriek: My History

Chevrolet in the Movies 
In sommige blockbusters schitteren auto’s net zo fel als de wereldberoemde acteurs zelf. Dat geldt zeker voor Chevrolet. My Way haalde de videobanden en dvd’s uit de kast en maakte een overzicht van een aantal legendarische film-Chevrolets.

Iedere filmliefhebber herinnert zich ongetwijfeld de eerste James Bond-film: Dr. No uit 1962 met Sean Connery als 007. Het begin van een legendarische filmreeks waarin een glorieuze rol is weggelegd voor de Chevrolet Bel Air Convertible uit 1957. Gezeten op de achterbank van de Chevrolet wordt de Britse geheimagent op de hielen gezeten door een stel querulanten. Een spannende achtervolgingsscène. De Bel Air is niet de enige Chevrolet in een Bond-classic. Zo vervult de Chevrolet Corvette een bijrol in de kaskraker A View To A Kill.  

Een andere Corvette met een memorabele hoofdrol zien we in Corvette Summer. In deze must see voor Corvette-fans bouwt scholier Kenny Dantley (acteur Mark Hamill) zijn eigen Corvette Stingray, die zo gewild is dat hij wordt gestolen. Kenny zet alles op alles om zijn grote liefde terug te krijgen. We blijven nog even bij de Corvettes hangen. In de filmhit Gone In Sixty Seconds staat acteur Nicolas Cage voor de schier onmogelijke taak vijftig zeldzame auto’s te stelen, waaronder twee Corvettes: een fraai exemplaar uit 1953 en de wonderschone Corvette Stingray Big Block uit 1967. Naast deze twee bijzondere sportwagens moet Cage ook een Bel Air Convertible en een Camaro Z28 zien te ontvreemden.  

Transformers
Camaro’s komen we in meer films tegen. In het awardwinnende succesnummer Transformers bijvoorbeeld. Hierin hoofdrollen voor niet één, maar twee exemplaren: een model uit de seventies én de Camaro Concept, de voorloper van het productiemodel van dit jaar. Regisseur Michael Bay raakte spoorslags verliefd op het conceptmodel. “Toen ik de auto zag, wist ik meteen dat dat ‘m zou worden.” Niet alleen Hollywood-regisseurs steken de loftrompet, kritische autojournalisten zijn ook vol van de acteertalenten van Chevrolet. Het vooraanstaande Engelse tijdschrift Car Magazine roemt de rol van de Stepside Pick-up in The Driver. Uitsmijter van de film is een zenuwslopende achtervolgingsscène die maar liefst acht minuten duurt. “Geen andere pick-up is ooit zo gereden”, oordeelt het tijdschrift.
 
Chevrolet The Movie
We zouden een apart nummer van My Way moeten wijden aan filmauto’s om dit overzicht compleet te kunnen maken. Dan zouden we u vertellen dat de unieke El Camino in The Mexican bestuurd wordt door Brad Pitt en de Chevrolet Monte Carlo door Jim Carey in Ace Ventura ‘Pet Detective’. En wat te denken van de Chevrolet Impala, die in tientallen kassuccessen een filmrol vervult, zoals in Fear And Loathing In Las Vegas, Jeepers Creepers en Saturday Night Fever. Sterker nog: we zouden er geen aparte My Way, maar een film van kunnen maken.

Meer lezen uit Chevrolet My Way?
Mail naar contact[at]buroboot.com

Sluiten
KvK Startersmagazine

Maatschappelijk verantwoord ondernemen

People, planet, profit
Steeds meer starters kiezen voor duurzaam en maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO). Niet alleen omdat zij oog hebben voor mens en milieu, ook omdat het hen iets oplevert. Het hoe en waarom van MVO.

MVO betekent dat je als ondernemer natuurlijk streeft naar winst, maar dat je rekening houdt met de effecten die de bedrijfsactiviteiten hebben op het milieu en de samenleving. Dat is één. Ten tweede hebben MVO’ers oog voor de menselijke aspecten binnen en buiten het bedrijf. Alle kernprocessen van uw bedrijf spelen bij MVO een rol: van inkoop van goederen tot aan de uitvoering van het marketingbeleid toe. MVO draait om het vinden van een balans tussen de drie P’s: people, planet en profit. Vraag is: hoe doet u dat?

Stel een stappenplan samen.
Inventariseer de verwachtingen binnen en buiten uw bedrijf: Wat verwachten klanten, medewerkers, de buurt en de gemeente van uw onderneming op het gebied van MVO?

Maak duidelijke MVO-doelstellingen en –activiteiten: Wat wil je: Energie besparen? Duurzame producten ontwikkelen? Uw werknemers trainingen aanbieden? Inventariseer uw doelstellingen.

Monitoren van de doelstellingen: Nadat u MVO-doelstellingen hebt bepaald, houdt de voortgang ervan dan ook in de gaten en evalueer ze.

Communiceer met belanghebbenden: Vertel belanghebbenden over de resultaten die u heeft geboekt op het gebied van duurzaam en maatschappelijk verantwoord ondernemen.

Positieve effecten
Die laatste stap is een belangrijke, want MVO’ers hebben vaak een streepje voor bij klanten, investeerders en kredietverstrekkers. Banken nemen bijvoorbeeld steeds vaker MVO-criteria mee in hun kredietverstrekking. Bovendien bent u een aantrekkelijke werknemer - zeker in een krappe arbeidsmarkt - want het is prettig werken voor iemand die verder kijkt dan alleen het winstoogmerk. En omdat MVO’ers doorgaans innovatiever en meer onderscheidend zijn, spelen zij sneller in op de markt. Zo zijn er nog meer redenen aan te voeren om te kiezen voor maatschappelijk verantwoord ondernemen. Wat te denken van een hogere arbeidsproductiviteit? Omdat u aandacht heeft voor mens en milieu verandert de sfeer en energie binnen een bedrijf. U zult zien dat medewerkers meer betrokken en minder vaak ziek zijn.

De rest van het artikel lezen?
Mail naar contact[at]buroboot.com

Sluiten
Citroën Icône

Rubriek: Avantgarde

C4 Loeb
Citroen-rallyrijder Sébastien Loeb en navigator Daniel Elena hebben voor het vijfde jaar op rij de hoogste podiumplek van het World Rally Championship (WRC) behaald. In navolging van deze indrukwekkende prestatiereeks introduceert Citroen de C4 Loeb, een extra sportieve variant van de C4 Coupé. Uiterlijk onderscheidt deze Citroen zich door speciale rally-striping, fraaie 17-inch lichtmetalen wielen en een subtiele achterspoiler. Aangedreven door een 1.6 VTi met 120pk of 1.6 THP met 150pk onderstreept de Loeb zijn sportieve karakter. De kleuren Rouge Aden en Noir Perla Nera zorgen voor de juiste finishing touch. Later dit jaar staat de Citroen C4 Loeb in de showrooms.

Reïncarnatie
Citroën vierde tijdens de Autosalon van Parijs de zestigste verjaardag van de legendarische 2CV op een wel heel bijzondere manier. Namelijk met de introductie van de C3 Pluriel Charleston. Hiermee laat Citroen de beroemde 2CV Charleston met z’n typerende kleurencombinatie van Bordeauxrood en zwart reïncarneren. Om de wedergeboorte van de klassieker compleet te maken, is de Pluriel ook voorzien van Charleston-striping op de zijkanten. Stijlvolle 15-inch lichtmetalen wielen vervolmaken het spraakmakende exterieur van de C3. Vanbinnen benadrukken lederen stoelen en verchroomde accenten op de versnellingspook en het dashboard de luxueuze uitstraling van le nouveau. Enthousiast geworden? Dit voorjaar staat de Pluriel Charleston al bij de Citroën-dealer.

Stoel de France
Wat is nou het ultieme Franse exportproduct? Bordeaux-wijn, camembert wellicht? Komt in de buurt, maar Le Tour de France steekt er met kop en schouders bovenuit. In Les États-Unis zijn ze er in elk geval laaiend enthousiast over. Zo erg zelfs dat de designers van het Amerikaanse DeeplyMadlyLiving er een stoel aan wijdden. De Tour de France Lounge Chair heet-ie – handgemaakt en uit fietsonderdelen vervaardigd. De wielen, eh… armleuningen geven zelfs licht in het donker. Ander leuk detail is de hoorn bij de voeten. Het zou zomaar eens kunnen dat zevenvoudig Tour-winnaar Lance Armstrong zo’n Lounge Chair in de huiskamer heeft staan. De stoel kost 940 dollar, omgerekend een kleine 600 euro.

Meer lezen uit Citroën Icône?
Mail naar contact[at]buroboot.com

Sluiten
Fiat Magazine

Rubriek: Divertimento

Kledingtips van Giuseppe Cavallaro 
Bekende Nederlanders als Marco Borsato en Matthijs van Nieuwkerk zijn fan van zijn overhemden en als het om Italiaanse kledij gaat, weet hij het naadje van de kous. We hebben het over Giuseppe Cavallaro, de man achter het merk Cavallaro Napoli en de Cavallaro-winkelketen, een trots familiebedrijf gespecialiseerd in Italiaanse overhemden, stropdassen en accessoires. Exclusief voor Fiat Magazine geeft hij zijn do’s en dont’s op Italiaans kledinggebied. 

Do’s:
Doe je zaken met een Italiaan, hul jezelf dan in een effen pak met dito overhemd en das. Dus geen opvallende krijtstreep met een ruitenblouse en een druk gestreepte stropdas.
Draag hoge sokken, kniekousen zelfs. Het is alles behalve chique als er een stuk been tevoorschijn komt.   
Overhemden met een stevige, hoge boord. Zijn op dit moment helemaal hot in Nederland.
 
Dont’s:
Een licht pak op bruiloften. De gasten en ook de bruidegom zijn in Italië meestal in het donker gekleed. Ze zullen je raar aankijken als je met je crèmekleurige outfit komt aanzetten.
Oversized kleding. Zelfs de oudere generatie draagt vaak getailleerde kleren. Een zondags slobberkloffie kan in Italië echt niet.
Kleding waar heel groot een merknaam op staat. Basics van goede materialen met een subtiel detail voorzien van een klein of zelfs geen merklogo zijn juist in de mode.
 
Extra Vergine
De oude Romeinen wisten maar al te goed hoe je de perfecte olijfolie moest maken. Pluk de olijven tussen half oktober en half november en pers ze binnen één dag na het oogsten. Volgens deze traditionele werkwijze komen de oliën van San Mauro vandaag de dag nog steeds tot stand. San Mauro’s extra vergines met een opmerkelijk lage zuurgraad en zeer verfijnde smaak zijn nu ook in Nederland verkrijgbaar. Er zijn twee soorten: Colline Di San Mauro (€ 18,50 / 500 ml) en San Mauro BiCultivar ( € 25 / 500 ml).

Verde
Dat de kleur rood de liefde vertegenwoordigt, wist je natuurlijk al lang. Maar waar rood ophoudt bij vurige passie, symboliseert groen daarentegen de liefde in zijn puurste vorm. Dat kan zijn tussen mens en natuur, tussen ouder en kind of tussen vrienden. Groen staat ook voor het leven en alles wat groeit en bloeit. Liefhebbers van groen zijn vaak opgewekte en spraakzame types, die graag een steentje bijdragen aan een betere en mooiere wereld.  

Meer lezen uit Fiat Magazine?
Mail naar contact[at]buroboot.com

Sluiten
CARROS

Rubriek: Reportage

Hoogvliegers
Het Westland van Noorwegen mag zonder meer tot Europa’s mooiste plekken worden gerekend. CARROS verkende het fjordenlandschap in stijl en reed een Grand Tour met diverse telgen uit de Bentley Continental-familie.   

We starten in Sandane, een gehucht op een uur vliegen van hoofdstad Oslo. De zon schijnt fel in deel van het land, dus we kiezen meteen voor de cabriolet, de Bentley GTC. Onder de motorkap bevindt zich een W12-motor met 560 pk en een verwoestend koppel van 650 Newtonmeters, dat al bij 1.500 toeren de vrije loop krijgt. Die twaalfcilinder komt van Volkswagen, sinds 1998 het moederbedrijf van Bentley, maar voor de Continentals werden er twee turbo’s op gemonteerd. Het effect is bij lage toeren al voelbaar. Vandaar ook de duidelijke instructie van het Bentley-team: “In dorpen niet harder dan vijftig, op de hoofdwegen niet boven de tachtig.” Het is het beste om deze raad op te volgen. Bestuurders met een zware rechtervoet worden hier in Noorwegen genadeloos aangepakt. Twintig kilometer te hard kost achthonderd (!) euro. Maar oh, wat kost het een moeite om de maximum snelheid aan te houden. Het dubbelgeblazen blok schreeuwt om meer.
 
Wegnummer 63
Gelukkig komen we om de haverklap tunnels tegen waar we ons veilig wanen van agenten met laserguns. Hier kan het gaspedaal ver naar onder. In onvoorstelbaar tempo verslindt de snelheidsmeter de cijfers op de klok. Een zware roffel weergalmt tegen de tunnelmuren. Onbeschoft genieten. Ook van het natuurschoon, dat aan de andere kant op ons wacht. Het is net zo imponerend: kraakheldere meren, besneeuwde bergtoppen en groen, heel veel groen.
Het zijn landschappen waar wijlen kunstschilder Bob Ross zijn inspiratie opgedaan zou kunnen hebben. Het tafereel verveelt geen moment. Na elke bocht verschijnt er weer een waterval of een prachtige rotspartij. De wind is warm en zomers, verrijkt door de zoete lucht van loofbossen op de berghellingen. Noorwegen op zijn best, hier in de provincie Sogn og Fjordane, althans voor wie van schilderachtige lieflijkheid houdt.

Meer naar het noorden wordt het ongerepter en onherbergzamer. Extreem koud bovendien. Het kwik in Spitsbergen kan in de winter tot wel min vijftig graden zakken. Maar wij gaan niet zo ver, gelukkig. In het dorpje Stryn, waar wij nu heen rijden, komt de temperatuur tot maximaal een paar graden onder nul. Stryn is onze uitvalsbasis voor de komende dagen. Het telt net geen negenduizend inwoners en is, op Bergen na, één van de belangrijkste toeristenplekken in het Noorse Westland. Niet verwonderlijk. De omgeving is een fantastische combinatie van fjorden, rivieren en meren. Op de nabijgelegen gletsjers zijn het hele jaar wintersportmogelijkheden. Skihelden als Alberto Tomba en Herman Maier trainden in dit gebied.

De echte trekpleister in de buurt is echter wegnummer 63, die loopt tussen Geiranger en Andalsnes. Zeer bekend onder de motorrijders vanwege de ontelbare kronkelige bergwegen en haarspeldbochten. De twee aanwezige fotografen van Bentley maken ons alvast lekker met wat kiekjes. Morgen gaan we erheen. Het belooft iets speciaals te worden. 

Zeven Zusters
Niet alleen de route is speciaal, maar ook ons vervoermiddel: de Continental GT Speed. In vergelijking met de GTC is deze Bentley in het kwadraat sportiever. Motormanagement, wielophanging en stuurhuis zijn aangepast. De prestigecoupé staat 20 millimeter dichter bij het asfalt en heeft meer vermogen dan zijn broers. De getunede W12 levert liefst 610 pk en een koppel van 750 Newtonmeters. Deze vermogensstijging kwam tot stand door de werkdruk van de turbo’s en de compressieverhouding te verhogen. Het gewicht van 2.350 kilogram lijkt letterlijk en figuurlijk een tegenwicht voor de prestatiecijfers, maar niets is minder waar. De twaalfcilinder doet de Bentley in een verbijsterende 4,3 seconden naar de honderd per uur sprinten. Op papier allemaal mooi, die cijfers, maar toch zijn we benieuwd hoe de Speed zich houdt op de bergwegen die we straks gaan bestormen.

De rest van het artikel lezen?
Mail naar contact[at]buroboot.com

Sluiten
Wintersport Magazine

Rubriek: 24-uurs reportage

Ibiza in de Alpen
De pay-off van Ischgl luidt: Relax. If you can… Deze slogan laat geen greintje twijfel bestaan over het karakter van het Oostenrijkse wintersportdorp. Je kunt in Ischgl namelijk niet alleen skiën, maar ook uitgaan tot je erbij neervalt. Hoe we ons een etmaal staande houden in dit bruisende feestoord.  

07.00 – 10.00 uur 
De nachten in Ischgl (Tirol) zijn lang, met als gevolg dat het toeristenleven de volgende ochtend pas langzaam op gang komt. Het aantal frisse wintersporters op de vroege morgen is dan ook op één hand te tellen. Pas rond de klok van 09.30 uur beginnen de cabines van de Silvrettabahn vol te raken. Deze Seilbahn is één van de drie liften die je in no time afzet op de Idalp (2320 meter). Hier begint het skigebied Silvretta Arena Ischgl-Samnaun met ruim tweehonderd kilometer piste pas echt.   

Een tip voor de koukleumen onder ons: de Fimbabahn heeft stoelverwarming (!), een primeur voor Oostenrijk.  

10.00 – 13.00 uur
 Ischgl profileert zich als mondain en hypermodern skioord. En dat blijkt werkelijk uit alles. De liften die we eerder noemden zijn daar een voorbeeld van, maar ook een aantal high-end ‘berghutten’ op de pistes, nou ja…zeg maar gerust superstrakke restaurants. Neem nou het Alpenhaus. Een knoert van een gebouw op de Idalp met hoge plafonds, veel glas en donker hout. Hip en chique. Hier kun je overigens heerlijke koffie drinken en heb je een schitterende panoramaview over het dal. Een nog indrukwekkender uitzicht en een eveneens nog imposanter uiterlijk heeft de Pardorama. De buitenkant van deze hoekige luxueuze berghut bestaat voornamelijk uit spiegelend glas en dat geeft het gebouw iets futuristisch. De mediterrane keuken van de Pardorama zorgt voor de juiste gastronomische finishing touch.  
 
Al die moderne faciliteiten in Ischgl hebben natuurlijk ook een keerzijde: de prijs. De hotels en restaurants behoren niet tot de goedkoopste in hun soort en ook de aanschaf van een skipas maakt de portemonnee een stuk lichter. De goedkoopste pas voor één week kost bijvoorbeeld € 219, -. Eerlijk is eerlijk, daar krijg je wel een prachtig skigebied voor terug met goed geprepareerde, brede pistes.  

13.00 – 16.00 uur 
Zoals gezegd kun je de inwendige mens op de berg uitstekend verwennen. Laat het nou net lunchtijd zijn. Wij hebben onze zinnen gezet op iets typisch Oostenrijks. En dan kom je al gauw uit op – hoe cliché – de schnitzel. Het uitgelezen restaurant voor zo’n vet, maar oh zo heerlijk stuk gepaneerd varkensvlees is de Schnitzeltreff. Hier vind je schnitzels in alle vormen en maten: van beschaafde ‘modelletjes’ tot aan extra extra large. We kunnen het niet laten en bestellen die laatste, ondanks de ‘weet u het zeker?’ van de ober. Wij (ondergetekende en cameraman) zijn flinke eters, maar we krijgen ons bord met geen mogelijkheid leeg.  

Met een volle maag skiën lijkt ons niet ’s werelds beste plan. We dalen daarom af naar het dorp om uit te zoeken wat er tussen middag allemaal te doen is. Sleutelwoorden in Ischgl zijn: shoppen, shoppen en…shoppen. Dure winkels met merken als Rolex en Hugo Boss zijn ruim vertegenwoordigd. En wie denkt dat daar niemand naar binnen gaat, heeft het mis. De credit cards worden maar al te vaak getrokken. “In Ischgl geef je geld uit”, glimlacht de Rotterdamse Rob Hofland. Hij geniet samen met zijn vrouw en een stel vrienden van een smakelijke rode wijn in het restaurant van hotel Sonne (waar je overigens ook heerlijke warme ‘choco’ kunt drinken). “Wij hoeven niet meer de hele dag op de latten te staan. Tja, wat ga je dan doen? Eten en drinken en lekker ontspannen.” Aha, dus Relax. If you can… dat kan dus wél. Sterker nog, er is hier genoeg te doen om lichaam en geest tot rust te laten komen. Sowieso beschikken vrijwel alle hotels over een sauna, maar wil je een voetreflexzonemassage of onderdompelen in een kruidenbad? Bezoek dan eens het Silvretta Center. Zoals bijna alles in Ischgl is ook dit welnesscentrum compleet met zwembad, bowlingbaan en restaurant weer state of the art.

De rest van het artikel lezen?
Mail naar contact[at]buroboot.com

Sluiten
Our House Magazine

Rubriek: Samenwonen

Living ‘apart’ together
Our House ging op zoek naar gezinnen die voor een aparte en minder traditionele vorm van wonen hebben gekozen. We waren te gast bij een idealistische woongroep, een Vinex-wijk met gemeenschappelijke tuin en een beroemde paardrijschool waar de hele familie woont en werkt.

Bartels Academy, Hooge Mierde
Hooge Mierde, een gehucht onder Tilburg. Midden in het rustieke Brabantse land ligt Academy Bartels, de rijstal van Olympisch kampioene Imke Bartels, die met haar paard Hunter Douglas Sunrise tijdens de spelen van Beijing zilver pakte op het onderdeel dressuur (landenproef). De familie Bartels woont op het twaalf hectare grote landgoed Culitsrode, de plek waar ook de rijschool gevestigd is. Founding father, of eigenlijk founding mother van Academy Bartels is de moeder van Imke, Tineke Bartels. Zij begon begin jaren zeventig een kleinschalige sportstal op het landgoed. Haar echtgenoot Joep Bartels runde destijds zijn eigen uitgeverij en toen hij die verkocht, groeide Academy Bartels eind jaren negentig uit tot een grotere en nog professionelere rijstal. “Toen zijn Imke en ik hier komen wonen en gaan werken in het bedrijf”, vertelt Imkes broer Gijs. 

Voordat hij terugverhuisde naar het oude nest, woonde hij vanwege zijn studie marketing in Antwerpen. “Het bedrijf groeide en ik zag de kans om hier paardgerelateerde evenementen voor bedrijven te organiseren. Dat sloeg aan en werd op den duur ook winstgevend.” Imke woonde voordat ze terug naar Hooge Mierde kwam een jaar in Zweden. Daar wilde ze de keuze maken tussen studeren of fulltime paardrijden. Het werd dus dat laatste en waar kon ze haar passie nou beter beoefenen dan bij de stal van haar moeder. “Bovendien heb ik een hechte band met haar. Ik heb er daarom nooit aan getwijfeld of ik bij mijn ouders zou gaan wonen of niet.” Gijs is dus van de event-kant. Imke en Tineke richten zich op de paardensport, waarbij Tineke de privétrainer van Imke is.  

Haar man, die voor de verwarring compleet te maken ook Joep heet, werkt op zijn beurt weer op het kantoor bij Gijs, net als Gijs’ vrouw Esther. Een waar familiebedrijf met ook nog enkele personeelsleden en stagiaires van buiten de familie die op het landgoed wonen. Zeventien man in totaal, verspreid over zes woningen. Of dat allemaal goed gaat? “Ja”, zegt Imke, “in het begin zaten Gijs en ik soms in elkaars vaarwater. Als ik de rijbak bijvoorbeeld wilde gebruiken om te trainen, had hij die ook nodig voor een evenement. Stond daar opeens vijftig man. Dat gebeurt nu niet meer. Je moet daar duidelijke afspraken over maken. Zoiets groeit.” Gijs knikt. “Duidelijke communicatie is van groot belang. Zeker in een familiebedrijf. We komen daarom één keer per maand samen voor een formele familievergadering, zodat iedereen weet wat de stand van zaken is. En mochten er obstakels binnen de familie ontstaan, dan komt er een onafhankelijk persoon naar ons toe die wij om haar mening vragen. Gelukkig heeft ze niet vaak hoeven komen.” Tineke vult aan: “Zo’n familievergadering zorgt er ook voor dat als je ’s avonds bij elkaar op de bank zit niet nog steeds met werk bezig bent. Op zo’n moment praten Imke en ik liever over paarden.”  

De rest van het artikel lezen?
Mail naar contact[at]buroboot.com

Sluiten
BURO BOOT Magazine

BURO BOOT is een fictief tijdschrift met vrij werk en een eigen tone of voice.

Rij-impressie Volvo C30 T5

Volvo C30 T5 R-Design

Rij-impressie Volvo C30 T5

Exterieur
Er zijn er die beweren dat een C30 een S40 is met een afgezaagde kont. Da’s wel erg makkelijk gezegd. Wellicht zetten die lui Volvo’s kleinste niet in het juiste historische perspectief. Want wie beter kijkt, ziet de roemruchte 480 turbo en P1800 ES er in terugkomen. Ze hebben in elk geval alle drie een soortgelijk achterruitje en eenzelfde fraaie heuplijn. Dat maakt van de C30 een elegante en stoere kar, die er dankzij het R-Design bumper- en skirtpakket én 18-inchers nog lekkerder uitziet. Bovendien is-ie in tegenstelling tot een Leon Cupra of een Civic Type R bijvoorbeeld niet schreeuwerig. Nee, die C30 is niet het huftertje van drie hoog achter, eerder het doorgeleerde hockeytuig wat overal mee wegkomt. En dat mogen we wel.

Interieur
Vanbinnen geldt hetzelfde als aan de buitenkant. Nergens brullende, vetrode stiksels met T5 of R-Design erop. Volvo springt gedistingeerd met de R-logo’s om. Alleen op het stuur en op de met wit en zwart leder beklede stoelen vind je het beeldmerk van de sportieve ontwerplijn van Volvo terug. Om bij die stoelen te blijven hangen; wat een heerlijke zetels zijn dat zeg. Op het eerste gezicht lijken ze louter comfort te bieden en weinig zijdelinkse steun. Niets is minder waar. Laat je de Pirelli’s in bochten lekker piepen, dan houden de vorstelijke fauteuils je prima op je plek. Verder waan je in de C30 in een Zweeds designhotel. Zo strak, zo eenvoudig en daardoor kalm en sereen. Neem nou die prachtige platte middenconsole waar je met je hand achterlangs kunt steken. Dat wil je toch in je auto! De C30 heeft het. Minpuntje is het stuurwiel waarvan de binnenkant bovenin belegd is met aluminium. Ziet er fraai uit, alleen glipt het stuur door het glanzende metaal soms uit je hand. Verder pakt de dikke lederen hoepel heerlijk vast en de licht afgeplatte zijkanten geven ‘m bovendien een extra sportief tintje. En ja, dan het heikele punt van de C30: de ruimte achterin. Twee volwassenen meenemen is geen doen, maar boodschappentassen vinden het er prima.

Rij-impressie Volvo C30 T5

Onderhuids
BURO BOOT is groot fan van vijfcilinders. Die hamerende roffel blijft zeker in een tijd van opgefokte viercilinders iets speciaals. En gelukkig, al we weten niet wie we er voor moeten bedanken, takelt Volvo als een van de weinige merken nog steeds vijfpitters in het vooronder. En wat voor één: eentje met turbo, 230 pk en 320 Nm koppel. Goed voor een stoplichtsprintje in 6,7 seconden en een top van 240 per uur. Het blok in ons testexemplaar was godzijdank gekoppeld aan een handgeschakelde zesbak en geen automaat, al dan niet met dubbele koppeling. Gewoon lekker zelf poken. Dat hoort bij een auto van dit kaliber. Dan ben je maar een- of tweetiende langzamer bij de honderd…who cares! Jij bent de baas. Daar gaat het om. Die zesbak schakelt overigens zeer precies en je kunt ‘m met veel gevoel in het volgende verzet leggen. Al zitten de versnellingssleuven wel dicht op elkaar. Ben je net lekker aan het beesten en wil je van drie enthousiast naar vier, duw je de pook prompt in z’n zes. Je moet ‘m even leren kennen.

Rij-eigenschappen
Het vermogen wordt via de twee voorwielen op het wegdek gezet. De C30 weet desondanks prima met de krachten om te springen. Je moet wel erg tekeer gaan wil je de Volvo van de wijs brengen. Dreigt de auto toch te ontsporen, dan grijpt de elektronica in. Die hapt overigens redelijk snel toe, ook als je de bewust opgeroepen nijpende situatie met stuurmanskunsten kunt beteugelen. Bij regen hebben de twee voorste wielen wel snel de neiging om te gaan glijden. Logisch natuurlijk, maar pas er mee op.

Ondanks de turbo op het blok dat al bij 1.500 toeren zijn werk doet, voelt de T5 niet bijterig. Het vermogen komt er rustig in en verrast je nooit. Wat eigenlijk een compliment is. Tegenvaller is het geluid van de C30. Althans, de twee volvette uitlaatstukken doen meer verwachten. De roffel van de vijfcilinder klinkt simpelweg niet rauw genoeg. En da’s jammer. Ford doet het met de Focus ST - met hetzelfde vijfcilinder blok - wat dat betreft stukken beter.

Dus…
De C30 is geen nerveuze blaaskaak, geen sissend turbomonster en geen plankharde straatracer. Daarvoor is-ie te bedeesd, te chique en te premium. De Volvo is eigenlijk een kleine GT, jawel. De C30 valt daardoor tussen het snelle spul van Ford, Seat, Volkswagen en jongens als de S3 en 130i in. Dat doet de C30 R-Design ook met z’n vanafprijs van om en nabij de veertig mille.

Rij-impressie Volvo C30 T5

Technische specificaties
Motor
2,5 liter vijfcilinder benzine met turbo

Vermogen
169 kW/230 pk bij 5.000 tpm
320 Nm tussen 1.500 – 5.000 tpm

0 – 100
6,7 seconden

Topsnelheid
240 km/h

Gecombineerd verbruik
8,7 l/100 km (fabrieksopgave)

Energielabel
E

Prijs
T5 R-Design vanaf € 40.095

Sluiten
BURO BOOT Magazine

BURO BOOT is een fictief tijdschrift met vrij werk en een eigen tone of voice.

Rij-impressie Audi Q5 2.0 TDI

Audi Q5 2.0 TDI

Rij-impressie Audi Q5 2.0 TDI

Exterieur
Audi komt in het tijdperk van premium midi-SUV’s als een van de laatste autofabrikanten met zo’n wagen op de markt. Aan de ene kant denk je: dat is op het nippertje. Aan de andere kant heeft de late introductie, wat de daadwerkelijke reden daarvoor dan ook mag zijn, als voordeel dat het model aan de nieuwste ontwerpstandaarden voldoet. Want concurrenten als de Freelander en X3 ogen alweer gedateerd. Alleen de GLK van Mercedes loopt met de Q5 mee. We zijn in elk geval gecharmeerd van het harmonieuze lijnenspel van de Audi. De Q5 ziet er compact uit en straalt kracht en scherpte uit. Zeker met het 19-inch tienspaaks aluminium waarmee importeur Pon de auto opleukte. De kleine Q7 is in onze ogen de Audi waar de single frame grille echt goed op past. Die grote glimmer bezorgt ‘m een zekere autoriteit, iets wat bij z’n grote broer ook het geval is. Discutabel designpunt is de achtersteven. De joekel van een laadklep sluit om een reden die we niet kunnen benoemen niet aan bij de rest van de auto. Oordeelt u zelf.

Interieur
Zoals we van de Duitsers uit Ingolstadt gewend zijn, beschikt ook de Q5 over een smetteloos, bijna akelig perfect interieur. Het afwerkingsniveau is weer van zo’n hoge kwaliteit dat je louter voor het binnenwerk al een Audi zou kopen. Geen gapende kieren, geen krakende knopjes, geen piepende stoelen; niets klopt er niet. Waarvoor hulde. Complimenten gaan ook uit naar de comfortabele, elektrisch verstelbare sportstoelen die zijn bekleed met wat Audi noemt ‘fijnnappa leder’. Kost wel een lieve duit. Daar komt-ie: € 5.221, katching! Iets anders waar we zeer over zijn te spreken is het uitgebreide MMI infotainment/navigatiesysteem met joystick op de centrale bedieningsknop. Daar omheen zitten vier sneltoetsen om snel en makkelijk te navigeren door de talloze opties van het ding. Je kunt zelfs de toonhoogte van het piepsignaal van de parkeersensoren aanpassen. Werkelijk, dat MMI-systeem maakt een lange neus naar menig thuis-PC, zoveel zit er op een aan. We zullen alle functies niet ontleden, maar u doorverwijzen naar www.audi.nl. Viel Spass. Grappig detail tenslotte. De begeleidende Nederlandse stem van het navigatiesysteem heeft een Duitse tongval: ‘rechts afschlaan’, gebiedt ze soms.

Rij-impressie Audi Q5 2.0 TDI

Onderhuids
Het is even wennen, zo’n grote bak met een voor zijn kaliber bescheiden motor. Ons testexemplaar is namelijk voorzien van een C-label 2.0 TDI met 170 paarden en een trekkracht van 350 Newtonmeter. Dit blok kent u van andere Audi-modellen en exemplaren uit de stal van Volkswagen en Seat. Dan weet u ook dat het om een commonrail diesel gaat. Dus niet meer zo’n nagelend pompverstuiverblok. En da’s wel zo prettig, want deze tweeliter is een stuk stiller en trilt veel minder dan een motor zonder directe inspuiting. En tja, 170 pk voor een midi-SUV van bijna 1.800 kilogram… het is net genoeg naar onze smaak. Maar toch, in 9,5 seconden dieselt de Q5 naar de honderd en het gaat door tot iets boven de tweehonderd. Trekkracht heb je dankzij de 350 Newtonmeters in elke versnelling genoeg. Vindt u echter in uw broekzak toevallig wat extra geld en mekkert u niet als u vaker aan de pomp zult staan, neem dan de krachtiger 3.0 TDI met 240 pk en S tronic, Audi’s variant op VW’s DSG-automaat met dubbele koppeling. Ons testexemplaar brengt het vermogen via een handgeschakelde zesbak over op de permanent aangedreven wielen – quattro is standaard op de Q5. Een prima bak, al laat de pook zich van drie soms moeilijk naar z’n twee dirigeren. S tronic is een optie voor de 2.0 TDI en zou in deze motorvariant het nodige comfort bieden.

Rij-eigenschappen
Het woord dynamisch is voor een midsize SUV een beetje een vies woord. Maar toch, veel anders kunnen we het weggedrag van de Q5 niet omschrijven. Hij voelt kort door de bocht aan als een grote sedan en zo is-ie ook geveerd. Tamelijk hard, maar niet oncomfortabel, waardoor de koets niet zomaar overhelt in scherpe bochten. En dat geeft vertrouwen en zorgt voor een prettige rijbeleving. Hoewel het sturen mede dankzij de Servotronic (snelheidsafhankelijke stuurbekrachtiging) wat afstandelijk aanvoelt, krijgen we via de vingertoppen toch voldoende info binnen over wat er zich onder de vier wielen afspeelt. Alleen een BMW X3 stuurt in het segment van de Q5 scherper.

Dus…
Audi heeft met de Q5 wat ons betreft de fraaiste midi-SUV van het moment neergezet. Het is net zoals voor meer Audi’s geldt ‘gewoon’ weer een mooi apparaat waar weinig mis mee is. Wellicht schrikt de gepolijste rijbeleving potentiële kopers af, of doet iets anders dat: de prijs. Want wil je de Q5 een beetje leuk aankleden (grotere velgen, lederen sportstoelen, MMI), dan loopt het al gauw in de papieren. Onze testauto telde voor ruim twintig mille aan opties. En dan wordt een model wat standaard voor net geen 52 mille op de prijslijst staat opeens een akelig dure aankoop.

Rij-impressie Audi Q5 2.0 TDI

Technische specificaties
Motor
2,0 liter viercilinder turbodiesel

Vermogen
125 kW/170 pk bij 4.200 tpm
350 Nm tussen 1.750 en 2.500 tpm

0-100
9,5 seconden

Topsnelheid
204 km/h

Gecombineerd verbruik
6,7 l/100 km (fabrieksopgave)

Energielabel
C

Prijs
2.0 TDI vanaf 51.790

Fotografie: Loek Blonk, www.fotografielookatme.nl

Sluiten
AutoWeek

De omgekeerde evolutie

Tijdens de Autosalon van Genève verbaast de Zwisterse carrosseriebouwer Rinspeed het miljoenenpubliek met uitzinnige concept cars. AutoWeek reed met de nieuwste aanwinst: de sQuba, een onderwaterauto!

Kent u de James Bond-film ‘The Spy Who Loved Me’ nog uit 1977? In deze kaskraker koos Roger Moore met zijn spierwitte Lotus Esprit S1 het ruime sop. ‘Q’ had alles weer uit de kast getrokken, want de Lotus veranderde in een heuse tweezits-onderzeeër. Trucage in zijn reinste vorm, natuurlijk. Ruim dertig jaar later ontwikkelde Rinspeed een concept car die dit kunstje wél flikt: de sQuba, gebaseerd op een Lotus Elise. Wij geloofden het eerst niet, maar de vele filmpjes op internet bewezen het tegendeel. Om ‘veiligheidsredenen’ (lees: uit angst dat er iets mis zou gaan) mogen wij zelf niet achter het stuur plaatsnemen. Jammer aan de ene kant, maar ook een geruststelling. De productiekosten van de sQuba liggen tussen de 500.000 en 1.000.000 euro. Wij zouden het niet op ons geweten willen hebben als…enfin, u snapt het. Maar toch, het meerijden in zo’n auto, waar slechts één exemplaar van op de wereld rondrijdt, is sowieso een ervaring om de vingers bij af te likken. 

In de buurt van Zumikon, een gehucht net buiten Zürich, is helaas nergens water te bekennen. Wat zouden we graag met de sQuba kopje onder gaan. Onze bestuurder schudt meerdere malen ‘nee’. Jammer! Terwijl we langs bloemenvelden door de heuvels rijden, vertelt de Zwitser hoe de sQuba werkt. “Als je het water inrijdt, blijft hij drijven. Daarna laat je ‘m vollopen en dan zak je vanzelf naar beneden.” Twee jets en twee schroeven, op de plek waar normaal de uitlaatpijpen zitten, stuwen de sQuba voort. Onder water haalt-ie een snelheid van 16 km/h. Om dan adem te halen zitten achter de stoelen twee mondstukken, aangesloten op geïntegreerde persluchttanks. Vanwege veiligheidsredenen zit er geen dak op de sQuba. Als er iets mis gaat, zwem je er zo weer uit. Ook is de sQuba een cabrio om praktische redenen: mét dak zou hij meer dan twee ton wegen. Voor onder water geen ramp, maar voor op het land zou hij daarmee vergelijkbaar zijn met een schildpad.  

UFO
Maar sloom is de sQuba voor een concept allerminst. Hij wordt aangedreven door drie elektromotoren. Eén voor op het land, de andere twee voor onder water. De motoren krijgen hun voeding via krachtige lithium-ion batterijen. Een officiële topsnelheid is nooit gemeten, maar volgens onze chauffeur moet de sQuba 120 km/h op de teller kunnen krijgen. Die digitale teller zit verwerkt in één ultramoderne ovale console, die niet zou misstaan in een UFO. Via dit buitenaards ogende paneel wordt ook de automatische versnellingsbak bedient. Vooruit, achteruit en neutraal hebben elk hun eigen knop. En ook de toetsen voor de duikmodus zitten hier in verwerkt. Even bijzonder als het instrumentarium is ook de rest van het interieur. De binnenzijden van de deurpanelen zijn bewerkt metkunststof panelen met daarop een patroon van vissenschubben. Lekker nautisch. De bekleding van de groen met gele stoelen is nog specialer. Als een normale stof nat wordt, verkleurt hij en zuigt-ie zich vol. Het hightech-goedje in de sQuba behoudt zijn kleur en is waterafstotend. Vanzelfsprekend is het hele interieur bestand tegen (zout) water. Als klap op de vuurpijl kan de sQuba met behulp van een lasersensor in de neus zonder hulp van de bestuurder het land op rijden.   

De rest van het artikel lezen?
Mail naar contact[at]buroboot.com

Sluiten
Golf Estate

Rubriek: Reizen

Grand Cru Golf

Wie aan Bordeaux denkt, ziet wijnranken en chateaux voor zich. Maar in Frankrijks beroemdste wijnstreek kun je ook goed golfen. En het is de perfecte plek om je te laten onderdompelen in Franse sferen.

Frankrijk kent prachtige golfcourses langs de Côte d’Azur, in Les Landes en Picardië. Maar ook de relatief onbekende golfbanen rond Bordeaux lenen zich uitstekend voor een goede pot golf. Wij pakten onze clubs en reden naar de streek der wijnen om vijf uiteenlopende golfbanen te bevoelen. Eerste stop: Golf de Teynac. Bijna Franser dan Teynac kan het niet worden. De achttien holes zijn namelijk ‘gebouwd’ op wat vroeger een oude wijngaard was. De voormalige wijnkelder is getransformeerd tot clubhuis. Vanaf hier kijken we uit over de banen die als groene linten door het landschap meanderen. Omringd door geurende bossen en wijnvelden heeft Golf de Teynac iets charmants, iets wat je elders in Frankrijk niet zomaar vindt. Onze handen beginnen er van te jeuken; op naar hole 1. Deze opener is meteen de leukste van de achttien. De fairway ligt zeker een meter of vijftig onder ons. Zo’n eerste drive de diepte in maakt enthousiast, geeft een lekker gevoel.

Dat maakt plaats voor teleurstelling als we op de fairway staan. Dit is een oude wijngaard, weet u nog. Het landschap is sindsdien nauwelijks aangepast, waardoor er nu veel hobbels en kleine geulen op het golfgroen te vinden zijn. En de greens zijn ruw. Beetje frustrerend als je aan het eind van de dag onder par wilt eindigen. Voor een relaxte middag golf deert de matige kwaliteit van de banen niet. Het hoort er in Teynac een beetje bij – met de Franse slag, zullen we maar zeggen.  

Saint-Emilion
Na een middag relaxed golfen, rijden we onze buggy terug naar het wat sobere clubhuis. We zetten een glas rood van een château uit de omgeving aan de lippen en bekijken de baan nog eens. Van hierboven is goed te zien dat de fairways aan de smalle kant zijn. Dat maakt deze course uitdagend - ruimte voor een misser is er niet. Komt de bal niet lekker van je club, belandt-ie zo op de hole van de buurman. Enige ervaring is dus welkom. Maar ook met een kersvers GVB op zak doet Golf de Teynac dienst als prima golfstek; zeker voor wie zijn of haar skills wil opkrikken. Én voor wie graag overnacht in een landelijk ingericht onderkomen. Daar zijn de charmante bed&breakfast en gîte net naast het clubhuis dé aangewezen locaties voor. Beiden zitten vandaag vol. Wij zoeken daarom een logement in Saint Emilion, 35 kilometer ten noordoosten van Bordeaux. Dit rustieke wijnstadje met zijn smalle straatjes en gezellige pleintjes wordt omringd door tientallen châteaux. Ideaal om jezelf te laten onderdompelen in Franse sferen. 

Slope rating: 143
De volgende morgen vertrekken we in alle vroegte naar Golf de Pessac aan de westkant van Bordeaux. Een wereld van verschil met Golf de Teynac. Het clubhuis is vele malen groter en moderner. Én, het heeft een pro-shop met een uitgebreid assortiment van clubs (ook te huur), kleding en schoenen. Tegenover de winkel zit een groot restaurant met smakelijke menu’s voor onder de dertig euro. De lunches zijn er overigens voortreffelijk.

Tijd om te gaan spelen. Golf de Pessac is verdeeld in drie banen; achttien holes, negen holes en een korte negen holes-baan. Vandaag proberen we alleen de langste baan met een slope rating van 143! Een pittige. Daarom eerst even de juiste swing te pakken krijgen op de bijzondere driving range. Deze oefenbaan bestaat uit een klein meer met daar omheen allerlei afslagpunten. We slaan de bal dus recht in het water. Soms ketst er één als een platte steen meerdere keren op de waterspiegel. Een prachtig zicht met de ochtenddauw die vlak boven de spiegelgladde waterpartij hangt.

De rest van het artikel lezen?
Mail naar contact[at]buroboot.com

Sluiten
The Big Black Book

Rubriek: Fashion

Herenakkoord

Mode en auto’s. The Big Black Book bracht stijliconen bij elkaar. En sloot een herenakkoord.

The Big Black Book maakte als eerste in Nederland kennis met de vernieuwde Jaguar XKR. Die ‘R’ achter zijn naam onderscheidt deze Gran Turismo van zijn minder bedeelde XK-broers. In dit roofdier schuilt namelijk een nieuwe 5,0-liter V8-motor met supercharger, goed voor 510 pk en 625 Nm koppel. Hierdoor vervliegt de 0-100-discipline in een luttele 4,8 seconden. Houd het gaspedaal onderin en de tellernaald schiet binnen no-time door naar de elektronisch afgeregelde topsnelheid van 250 km/h. Echter, tijdens een testrit haalden we – voordat de begrenzer ingreep – met gemak 270 km/h. Dat ging zoals het bij een Jaguar van dit kaliber hoort gepaard met een verslavend, donker gebrul. Zo opvallend als het geluid van de XKR, zo onopvallend en soepel schakelt de automatische zesbak van verzet. Wie het wisselen van de versnellingen in eigen hand wil houden, gebruikt de flippers achter het stuur.

We noemden zojuist al het nieuwe motorblok, maar er zijn meer onderhuidse noviteiten te melden. Eén daarvan is het adaptieve onderstel dat zich automatisch aanpast aan het rijgedrag van de bestuurder. Bij ontspannen cruisen rijdt de XKR hierdoor opvallend comfortabel. Verlangen we het maximale van de auto, dan verstijft het onderstel in een fractie van een seconde. Ander nieuwtje is het elektronisch aangestuurde sperdifferentieel dat de krachten tussen de twee achterwielen verdeelt.  

En dan dat uiterlijk! Wat een beeldschone auto is deze XKR. Als u het ons vraagt zelfs één van de meest elegante GT’s van dit moment. Zeker met de nieuwe gerestylede voorbumper en z’n stijlvolle 20-inch lichtmetalen wielen. Net zo fraai is het luxueuze interieur, afgewerkt met aluminium, zacht leder en suedecloth voor de hemelbekleding. De sportstoelen zitten als gegoten en geven dankzij de opblaasbare wangen veel zijdelingse steun in snel genomen bochten. We willen u tenslotte attenderen op het (optionele) Bowers & Wilkins-audiosysteem wat de beleving in de XKR helemaal compleet maakt. Veel beter dan deze geluidsinstallatie wordt het niet.

De rest van het artikel lezen?
Mail naar contact[at]buroboot.com

Sluiten
En France

Golfen tussen de grand crus’s

Bij Bordeaux denk je eerder aan tongstrelende grand cru’s dan aan golf. Toch liggen er rondom de wijnstad prachtige golfbanen. En waar anders kun je tussen twee partijen door genieten van wijnproeverijen, oesters uit Arcachon of een druivenmassage?

Wel twaalf golfbanen liggen er rondom Bordeaux. Van charmante banen die prachtig tussen de bossen slingeren tot aan perfect gemanicuurde prof-courts, goed genoeg om het Franse Open te hosten. Eerste stop: Golf de Teynac, op zo’n twintig minuten rijden van Bordeaux. Deze baan past als geen ander bij hetgeen de stad zo beroemd maakt. Golf de Teynac is namelijk gebouwd op een oude wijngaard en de voormalige wijnmakerij dient nu als clubhuis. Dat maakt het golfen hier speciaal, wetende dat je speelt op een plek waar ooit ontelbare druiven hingen. En de rust die hier hangt; je onthaast er vanzelf. De sfeer is daardoor erg ontspannen. Wilt u golfen in een spijkerbroek en een eenvoudig T-shirt? Niemand zal u hier vreemd aankijken. Directeur van de golfbaan Vincent Dubois: “Golfers komen hier voor ontspanning en rust. Of je nou in een jeans loopt of in een nette broek. Dat maakt hier helemaal niets uit. Als je je maar relaxed voelt.” Wie het echt relaxed wil doen, kan bovendien overnachten in het bed&breakfast of de gîte naast het clubhuis, die zijn ingericht in een landelijke stijl met veel hout en pastelkleuren.

Tijd voor een lunch op het terras van het clubhuis. Vanaf hier is te zien dat de fairways wat aan de smalle kant zijn. Dat maakt Teynac uitdagend voor lagere handicappers: veel ruimte voor een afzwaaier met de driver is er niet. Hoewel enige ervaring dus welkom is, kunnen ook minder ervaren golfers – mits ze een beetje voorzichtig spelen – er prima uit de voeten. Aan de tafel achter ons ontspint een discussie tussen twee Franse golfers. De een roemt de sfeer die hier hangt, terwijl de ander claimt dat de holes te dicht op elkaar zitten. De gemoedelijke redetwist gaat gepaard met – hoe kan het haast anders – een flink glas wijn.  

Smith Haut Lafitte
Zou het een rouge uit de kelders van Château Smith Haut Lafitte zijn? Daar rijden wij nu naartoe. En we hebben geluk: er staat een wijnproeverij op het programma. Maar niet alleen daarvoor is een bezoek aan dit beroemde wijnhuis in Martillac meer dan de moeite waard. Alleen al het aanzicht van het sprookjesachtige chateau is beklijvend. De muren zijn begroeid met groene klimplanten die het gebouw als het ware inpakken. De centrale toren, die al van ver te zien is, geeft Smith Haut Lafitte bovendien iets middeleeuws. Alsof er opeens een stel ridders te paard uit de poort komt zetten. Het zou zomaar kunnen gebeuren. Met een hoofd vol verwachtingen betreden we het chateau.

Het ruikt er naar gebrand eikenhout en wijn. Een betoverend aroma, dat nog intenser wordt in het meest imposante deel van het chateau: de grote wijnkelder. Met tachtig meter een van de langste uit de hele Bordeaux-streek. We proberen het aantal vaten te tellen, maar dat blijkt een onmogelijke opgaaf. “Het zijn er ongeveer duizend”, vertelt Florence Cathiard, onze gastvrouw, als we even later van een rode 2004 ‘uit eigen tuin’ proeven. Haar echtgenoot, Daniel Cathiard, kocht het chateau in 1990. “Mijn man en ik zaten in de jaren zestig bij het Franse nationale skiteam.” Daniel droomde toen al van een eigen chateau. Na zijn skicarrière zette hij de bekende sportwinkelketen Go Sport op, die Daniel later verkocht om zijn droom waar te kunnen maken.  

De rest van het artikel lezen?
Mail naar contact[at]buroboot.com